Editorial

Het eindexamen zit erop. Althans voor leerlingen. Voor jou nog niet. Je bent nog druk in de weer. Eerste correctie, tweede correctie, (telefonisch) overleg, definitieve puntentoekenning. Dinsdag 14 juni klokslag 8.00 uur is het uur van de waarheid. De vastgestelde punten kunnen worden vertaald in cijfers. Die cijfers worden vervolgens gemiddeld met de schoolexamencijfers.

Voor een eerste indicatie per vak zou een telefoontje met de desbetreffende eindexamenkandidaat al voldoende zijn. Waarom? Omdat negen van de tien kandidaten precies weten welk cijfer er minimaal nodig is om te slagen. Er bestaat zelfs een speciale website voor: www.wanneergeslaagd.nl. Na het invullen van de cijfers van de schoolexamens verschijnen er gekleurde staafdiagrammen. Deze laten zien bij welk cijfer een leerling veilig is en vanaf wel cijfer hij in de gevarenzone komt. Nou, dat was er in mijn tijd nog niet. Toen was het gewoon rekenmachinewerk.

Terug naar het proces. De cijfers moeten natuurlijk officieel en tot achter de komma nauwkeurig berekend worden. Daarom draaien op 14 juni de cijferprogramma's in de computer op jouw school wellicht overuren. Na de eindexamenvergadering kun je eindelijk jouw leerlingen bellen over de uitslag. Er is ruimte voor vreugde (en helaas ook verdriet). De vlaggen met schooltassen verschijnen in het straatbeeld. Of de schoolboeken verschijnen in huis weer op het bureau ter voorbereiding op het herexamen.

Het eindexamen als overgangsritueel, rite de passage. Dat schrijft Olaf Tempelman in zijn column in de Volkskrant. Een ritueel dat een verandering in status symboliseert. Hij ziet in eindexamens kenmerken die horen bij overgangsrituelen. Misschien herken je deze nog uit je eigen examentijd. Ik in ieder geval wel.

- Je zit afgezonderd van de rest van het gebouw.

- Je wordt pas om 9 uur verwacht (en niet om half negen).

- Je zit in de gymzaal (en niet in een gewoon lokaal).

- Je voelt een samenhorigheid met andere lotgenoten (zelfs met klasgenoten die je normaal links laat liggen).

- Je dompelt je na afloop onder in festiviteiten: eindexamenstunt, examenfeesten, 'wilde' vakanties, enz.

- Wanneer je slaagt in de sprong door de brandende hoepel, dan begint een heel nieuw leven!

Ook voor niet-eindexamenkandidaten begint op jouw school een soort van rite de passage. De laatste toetsweek. De ultieme test die bepaalt of hij wel of niet overgaat. Ik weet nog uit mijn eigen schooltijd dat in zo'n laatste toetsweek bij mijn docenten toetsen met meerkeuzevragen favoriet waren. Lekker snel nakijken zeker, dacht ik altijd. Pas toen ik zelf docent was, merkte ik hoeveel werk het is om een goede meerkeuzetoets te maken (als die al te maken is).

Ik en meerkeuzevragen. Ik weet het nog goed. Niet zo'n goede combinatie. Ondanks alle goede raad van mijn moeder (en die raad heb ik natuurlijk weer doorgegeven aan mijn dochter).

- Leg je hand op de antwoorden. Lees de vraag en beantwoord hem eerst zelf.

- Ga daarna op zoek naar dat antwoord in A t/m D (maar wat bleek, vaak zat ie er niet eens bij. Hellup!)

- Je eerste gedachte is altijd de goede.

- Verander het antwoord nooit, alleen als je het echt, heel echt, en voor 100% zeker weet.

Sinds enkele weken heb ik er nog één ontdekt. Als je het echt niet weet, gok dan B! Nooit geweten. Voor hoeveel peentjes zweten had deze tip mij in het verleden kunnen behoeden? En hoe zou mijn zelfvertrouwen zich ontwikkeld hebben als de Toetsrevolutie, het boek in de BOEKchat van deze maand, al in de jaren 70 verschenen zou zijn?

Veel lees- en kijkplezier!

Marianne

QUOTESenzo

Volgens mij is de toets vooral voor de juf, zodat ze weet wat ze de volgende keer beter uit moet leggen.

Afkomstig van de website omdenken.nl

BOEKchat

"Meester, is het voor een cijfer?" Deze vraag zorgde ervoor dat geschiedenisdocent Arjan Moree er ineens helemaal klaar mee was. Klaar met de cijfercultuur op zijn school. Dat zijn leerlingen pas gaan werken aan een opdracht als hij er een cijfer voor geeft. Daarom besloot Arjan nog maar één cijfer per periode te geven. Dit is slechts één van de voorbeelden uit het boek Toetsrevolutie: naar een feedbackcultuur in het voortgezet onderwijs. Een boek met elf portretten van docenten die besluiten op een andere manier te toetsen, en wel formatief. Omdat zij zich zorgen maken over het effect van cijfers op de motivatie van leerlingen. En merken dat zij zo beter zicht krijgen op de voortgang van hun leerlingen. In dit boek vind je naast theorie over formatief toetsen, veel bruikbare ideeën om ook zelf een andere (toets-)weg in te slaan.

 
Het dilemma

Kunnen toetsen ook een andere functie hebben? In de inleiding van het boek stellen Dominique Sluijsmans en René Kneijber dat leraren zich dit vaak moeilijk kunnen voorstellen. Als reden geven zij dat de huidige toetspraktijken inmiddels traditie in het voortgezet onderwijs is. Leerlingen cijfers geven als waardering voor hun leren, het organiseren van toetsweken, het houden van rapportvergadering op basis van gemiddelde cijfers, met dubieuze rekenformules, enzovoort. Dit alles zit in de onderwijsvezels van docenten (en niet te vergeten leerlingen en ouders). Terwijl uit gesprekken blijkt dat veel docenten moeite hebben met het 'afrekenen' van leerlingen. Dat zij liever onderwijs geven dan toetsen afnemen en nakijken. Dit laatste herken ik uit mijn eigen tijd als docent. Niets geestdodender dan toetsen nakijken!

Kern van formatief toetsen

Formatief toetsen biedt volgens de schrijvers uitkomst. Bij formatief toetsen worden toetsen tijdens het leerproces namelijk gebruikt om het leren verder te helpen. Dus niet een cijfer en klaar. Hup, op naar de volgende toets. Maar een proces, waarin leerdoelen centraal staan. Een aan de hand van deze leerdoelen bepalen waar de leerling staat. Feedback is daarbij essentieel: van leraar aan leerling, en van leerling aan leraar, medeleerlingen en zichzelf. Hierdoor kan de leerling zelf de regie pakken over zijn leerproces.

Formatief toetsen kan op allerlei manieren. In het boek vind je diverse voorbeelden. Van verschillende vakken, niveaus en leerjaren. Van vmbo tot vwo, van natuurkunde tot LO, van brugklas tot eindexamenklas.

Formatief toetsen en motivatie

Een interessant hoofdstuk in het boek vond ik het artikel over het effect van formatief toetsen op de motivatie van leerlingen. Zet je toetsen in als een soort dwangmiddel, om leerlingen aan de slag te krijgen? Om zo te meten of zij geleerd hebben wat ze van de docent hadden moeten leren. Of zet je toetsen in als middel om leerlingen meer intrinsiek te motiveren? Zodat zij met meer plezier met de lesstof bezig zijn en uit eigen beweging nieuwe dingen en uitdagingen zoeken.

De schrijvers dagen docenten uit om te experimenteren met toetsvormen. Welke toetsvormen zijn motiverend op jouw school, binnen jouw lessen voor jouw leerlingen? Hier kun je alleen achter komen door leerlingen te vragen wat zij van jouw toetsvormen vinden. Worden zij uitgedaagd? Werk het motiverend? In de doe-direct-tip geef ik je een idee hiervoor.

Zes aanbevelingen

Het boek sluit af met zes aanbevelingen voor het realiseren van een feedbackcultuur in het voortgezet onderwijs. Of zoals de schrijvers het omschrijven: van een informatiearme, one-size-fits-all-toetscultuur naar een rijkere, op de leerling toegesneden feedbackcultuur. Hierbij doen zij de oproep aan schoolleiders om kleine initiatieven te stimuleren en tegelijkertijd de lange termijnambitie van de school te bewaken. En vooral niet te vergeten leerlingen (en hun ouders!) duidelijk te maken welke toetsmethodes je wanneer gebruikt en waarom. Zeker daar in het huidige onderwijs de leerling toetsing vaak ervaart als een soort van 'black box'.

Uitgangspunt bij een feedbackcultuur is dat de school de leerling helpt zelf de regie te nemen over zijn leerproces. Denk bijvoorbeeld aan het samen opstellen van leerdoelen en helder maken hoe de leerling kan checken of, en aantonen dat hij deze leerdoelen bereikt heeft. Een feedbackcultuur betekent dat de leerling alle kansen krijgt om te leren, zo nodig met vallen en opstaan. Door de leerling meer controle te geven over de manier waarop, wanneer en hoe hij wordt beoordeeld. kan hij een leerroute volgen die bij hem past.

VIDEOfavoriet: Iedereen verdient een 10

Dirigent Benjamin Zander zegt: "Everybody is an A Student."

Ik zeg: "Laat je inspireren door zijn verhaal, en probeer het eens zelf uit."

De doe-direct-tip: waarom toets je?

Toetsen. We zijn het zo gewoon in het onderwijs.

Daarom hoog tijd om je zelf eens de volgende vraag te stellen.

Waarom toetsen we eigenlijk op onze school? 

Met het beantwoorden van deze vraag ben je er nog niet.

Dan komt de hamvraag.

Bereik je deze doelen ook?

Er is maar één groep die deze vraag kan beantwoorden: jouw leerlingen.

Ga dus met hen in gesprek.

 

&KOOT agenda

12 juni 2017
Aflevering 8 van de online videoserie Koot’s Kwesties: Gaat er al een bel bij je rinkelen?
Een aflevering gemist? Klik dan hier.

19 juni 2017
Aflevering 5 van de maandelijkse serie Schooljutten over Spring High, een nieuwe school in Amsterdam Nieuw-West waar leerlingen van 10 t/m 16 jaar samen onderwijs volgen in één gebouw, zonder vroegselectie op 12-jarige leeftijd.
Een aflevering gemist? Klik dan hier.

26 juni 2017
Aflevering 9 van de online videoserie Koot’s Kwesties: Ouders: compagnons of oproepkrachten?
Een aflevering gemist? Klik dan hier.

Als jij in jouw netwerk leidinggevenden in het onderwijs hebt, dan is deze E-zine ook voor hen interessant. Voel je vrij om deze door te sturen. Via deze link kunnen zij zich abonneren op de E-zine. Als dank ontvangen zij direct mijn gratis e-boek 'Vijf tactieken voor schoolleiders om onderwijsverandering soepel te laten verlopen'.